THAISE KEUKEN

De Thaise keuken is verrassend levendig en fantasierijk. Geurige aroma’s en een mooie presentatie doen een beroep op alle zintuigen. Smaak, textuur en vaak een geduchte ‘hitte’ contrasteren met elkaar, maar gaan ook wonder wel samen.

Thais eten is in feite één van de grootste mixen van gerechten uit de hele wereld. In heel Azië zijn de Chinese culinaire ideeën sterk vertegenwoordigd, vooral in de vorm van noedelgerechten en soepen en technieken als roerbakken en stomen. Indiase specerijen geven de frisse Thaise curry’s hun volle, nootachtige smaak, terwijl de smaken van Zuidwest- Azië opvallen in satés en kokoscurry’s. Zelfs de beruchte Thaise curry’s zijn niet inheems ; ze werden in de zestiende eeuw geïntroduceerd door de Portugezen.

Thaise koks, van wie velen aan het hof werkten, maakten van al deze ingrediënten en technieken iets specifieks Thais door ze te combineren met klassieke smaakmakers:

  • Knoflook                                                         
  • Pepers
  • Korianderwortel
  • Fris citroengras
  • Pikante Thaise kruiden
  • (kaffir)limoen en tamarinde
  • Galanga  
  • Aziatische sjalotjes
  • Kokosnoten
  • Palmsuiker
  • Zoute vissaus en garnalenpasta

Deze smaken zijn overigens absoluut niet subtiel, maar Thaise koks gebruiken ze zo geraffineerd dat geen enkele smaak de andere overheerst.
Ze vinden evenwicht van het grootste belang en de combinatie van zoete, zure, zoutige en scherpe smaken zorgt voor levendigheid. Smaakmakers zijn erg belangrijk en de Thaise koks zijn dan ook vaak meesters in het maken van de arbeidsintensieve curry- en soeppasta’s. Een werkwijze die sterk contrasteert met de snelle bereidingstechnieken van de Thaise gerechten.

Overdag zijn er geen vaste etenstijden, er worden eerder verschillende snacks gegeten die in de meeste steden goed en voordelig in de gaarkeukens worden aangeboden. De hoofdmaaltijd eet men meestal ’s avonds waarbij ook hier geen vaste menuvolgorde bestaat. Al het eten wordt tegelijkertijd opgediend en gegeten. De verschillende gerechten worden na elkaar gegeten met rijst, die bij het eten centraal staat. De maaltijd wordt afgesloten met zoete desserts of vers fruit.

Eetstokjes worden alleen voor noedelgerechten gebruikt. Voor alle andere gerechten gebruikt men een lepel en vork. In veel gebieden op het platteland wordt ook nu nog met de vingers gegeten waarbij van kleefrijst met de rechterhand kleine balletjes worden gevormd die in de verschillende sauzen of gerechten worden gestopt.

De echte Thaise stijl kent maar weinig tafelregels; de nadruk ligt op gastvrijheid en het samen genieten van eten. Als alle gerechten op tafel staan, zegt de gastvrouw: “kin khao“ (“eet rijst”) en kan de maaltijd beginnen.